De druk van de beleving

De druk van de beleving


Auteur:G. Visser

  • Nederlands
  • 400 pagina’s
  • SUN
  • mei 1999
  • Samenvatting

    Onder ervaring verstaan wij vandaag beleving. Maar de Nederlandse woorden beleving en belevenis zijn nog geen driekwart eeuw oud. Zij zijn vertalingen van het Duitse Erlebnis, dat als substantief in de eerste helft van de negentiende eeuw werd gevormd en rond de eeuwwisseling is terug te vinden in alle stromingen van de Duitse filosofie, het principieelst in de levensfilosofie.Wat wij beleving noemen dekt zich eveneens met de principes van het en plein air en de sensation vitale van de schilderkunst van het Franse impressionisme. Zoals de levensfilosofische bezinning uit is op de mogelijkheid van een niet-metafysisch denken, zo voltrekt het impressionisme de overgang van de traditionele naar de moderne schilderkunst.Sociologen spreken tegenwoordig van de belevenismaatschappij. Maar wat houdt dat in? Wat is een beleving? Hoe heeft dit element zich in de vorige eeuw in kunst en filosofie gemanifesteerd? Het fascinerende is dat binnen een korte tijdspanne in het werk van enkele kunstenaars en filosofen iets beslissends is gebeurd wat zich bij ons innerlijk en maatschappelijk over een veel langere tijd voltrekt. Want de beleving blijkt hier een element van ondergang te zijn geweest.De druk van de beleving traceert deze ondergang aan de hand van de filosofische projecten van Friedrich Nietzsche en Wilhelm Dilthey en de schilderkunst van Claude Monet – het sterven van het landschap in diens werk. De beleving blijkt dubbelzinnig. Want naast een nieuwe vrijheid ontplooit zich tevens een exploitatieve druk, die Nietzsche al tot een wil tot macht herleidt – beleving is pressie. Aan het slot worden Martin Heidegger en Walter Benjamin geraadpleegd, die beiden een onlosmakelijk verband zien tussen de houding van de beleving en het wezen van de moderne techniek.