Het Egyptische dodenboek

Het Egyptische dodenboek

Auteur:
M. Geru

  • Nederlands
  • 204 pagina’s

  • AnkhHermes

  • oktober 1992

  • Samenvatting

    HET EGYPTISCHE DODENBOEKHet Egyptische Dodenboek is vele eeuwen ouder dan het Tibetaanse Dodenboek. In grote lijnen hebben beide de bedoeling een gids te zijn voor het leven na de dood. Het Tibetaanse Dodenboek is een doorlopend geheel terwijl de spreuken uit het Egyptische Dodenboek een min of meer losse verzameling teksten bevat, die een verdere ontwikkeling vormen van de zgn. Piramideteksten, die ca. 2500 voor Chr. op de wanden van gangen en kamers in de graven der farao’s werden aangebracht, en de zgn. sarcofaagteksten die tussen ca. 2100 en 1600 voor Chr. op de meestal houten lijkkisten werden getekend. Het ontbreken van een duidelijk leesbare standaardtekst is er de oorzaak van dat tot op de huidige dag belangrijke stukken van het Egyptische Dodenboek moeilijk te vertalen en/of te begrijpen zijn. Een volledige vertaling in welke taal ook is daarom nog nimmer, verschenen, al zijn grote fragmenten ook in ons land in wijde kring bekend geworden. De tekst is bijzonder heterogeen: naast louter magische spreuken vindt men duidelijk mystieke, esoterische gedeelten van de verlossing en de opstanding, die bij de mysterien mondeling werden overgeleverd. De mysterien leren de gedragsregels in -het leven terwijl het doden boek er van uitgaat dat deze bekend zijn; het geeft gedragsregels na het overlijden. De ingewijde moest ook deze regels kennen en de op papyrusrollen meegegeven teksten dienden hem als geheugensteun. Zo wordt het hoek van de dode in het leven tot het boek van de levende in de dood.