Een verhandeling over witte magie

Een verhandeling over witte magie

Auteur:
A.A. Bailey

  • Nederlands
  • 478 pagina’s

  • Synthese

  • oktober 1992

  • Samenvatting

    Bij het bestuderen en het zorgvuldig overdenken van de denkbeelden, die in dit boek geschetst worden, willen wij enkele grondbegrippen voor ogen houden: Ten eerste, dat niet de persoonlijkheid van een bepaalde leraar voor een leerling het belangrijkste is, maar de mate van waarheid, die deze leraar vertegenwoordigt, en het vermogen van de leerling zelf om het onderscheid te zien tussen waarheid, gedeeltelijke waarheid en onwaarheid. Ten tweede, dat meer esoterische lering ook grotere exoterische verantwoordelijkheid met zich brengt. Laat iedere leerling dus duidelijk zijn eigen balans opmaken en er zich op bezinnen, dat begrip ontstaat naarmate hij dat, wat hij van de waarheid begrepen heeft, toepast op het voor de hand liggend probleem en op de directe omgeving, en dat het bewustzijn verruimd wordt door de medegedeelde waarheid te gebruiken. Ten derde, dat een dynamische trouw aan het gekozen pad en een standvastig doorzettingsvermogen, dat alles overwint, en dat onbewogen blijft bij wat zich ook voordoet, een eerste vereiste is en tot het portaal leidt, dat toegang geeft tot een rijk, een dimensie en een toestand van Zijn, die innerlijk en subjectief gekend worden. Deze toestand van verwezenlijking is het, die krachtens zijn vermogen veranderingen teweeg brengt in vorm en omgeving. Deze drie wenken zijn een nadere beschouwing ten volle waard en men moet hun betekenis enigszins doorgronden, voordat verdere en werkelijke vooruitgang mogelijk is. Het is niet mijn taak om individuele en persoonlijke toepassing der gegeven leringen voor te schrijven. Dat moet iedere leerling voor zichzelf doen. Ge hebt wijselijk de leringen voor opgelegd gezag behoed, en uw boeken steunen niet op een esoterisch beginsel van hierarchisch gezag of steun, waardoor zulke enge grenzen gesteld zijn in sommige kerkelijke lichamen en groepen, die onderling zo van elkaar verschillen als de Katholieke Kerk, de Christian Science, zij, die in de woordelijke inspiratie der Schriften geloven en ettelijke (zogenaamde) esoterische organisaties. Die gefluisterde woorden zoals “Zij, die het weten, willen…” of “De Meester zegt…” of “De Verhevenen bevelen…” zijn de vloek van menige groep geweest, en de troep malle schapen tuimelt, zwak en blind, over eigen benen in haar haast tot gehoorzamen. Zij menen door hun misplaatste toewijding met zekere gezaghebbenden in contact te zullen komen en daardoor, langs een kortere weg, de hemel te zullen bereiken. Gij hebt wijselijk uw boeken behoed voor de reactie, die gewekt wordt door hen, die er aanspraak op maken meester, adept of ingewijde te zijn. Mijn anonimiteit en staat moeten verborgen blijven, en men moet mijn rang slechts beschouwen als die van een oudere leerling, die streeft naar die verruiming van bewustzijn, welke voor mij de volgende stap is.